Reportage: de geboorte van de 2026 Ducati Desmosedici Stradale R V4
Toen we vorig jaar het Engine Department van Borgo Panigale mochten verkennen voor de presentatie van het nieuwe V2-blok, meenden we een once-in-a-lifetime beleefd te hebben. Maar ook met het oog op 2026 viel een uitnodiging in de bus. Eentje van een heel ander kaliber. Eentje met een geheimhoudingsclausule ter waarde van één miljoen euro. Slik.
Ziekenhuisgang
De fortuinlijke stervelingen die ooit in het Centro Stile van Ducati mochten rondwaren, zullen het beamen: de designsectie van Ducati ademt iets ongrijpbaar, iets magisch uit. De met TL verlichte gangen tussen de ‘cubicles’ – de hokkige kantoortjes – zouden niet misstaan in een doorsnee hospitaal. Maar de praal aan de muren verraadt een heel andere insteek. Daarop prijken immers de concepttekeningen van alle moois dat ooit aan Borgo Panigale is ontsproten. De eerste penseeltrekken van Massimo Tamburini’s 916, een voorzichtige potloodschets van de 999 door Pierre Terblanche, en de legendarische Monster M900 van de hand van Miguel Galuzzi… Ze hangen er tussen de tekeningen van minder bekende maestro’s.
Het contrast van de kleurrijke meesterwerken ten opzichte van hun zoutloze achtergrond kon amper groter zijn. Net voor de dubbele deur naar het ontwerpwalhalla openzwaait, valt m’n oog op een tekening van Andrea Ferraresi van de Panigale V4. Met onder het strakke kuipwerk het motorontwerp van Enrico Poluzzi: de Desmosedici Stradale V4. Stijl, verfijning en prestaties ineen – niet toevallig de drie kernwoorden die Ducati zelf naar voren schuift bij elke nieuwe worp. Nogal profetisch ook, zou enkele tellen later blijken. Of misschien had iemand de prent er wel voor de gelegenheid opgehangen…
Eén miljoen
In het hart van het Centro Stile staan immers tien stoeltjes opgesteld voor een enorm scherm. Links ervan rust een motorblok, opgebokt onder een fluwelen sluier, en op de tafel in de hoek van de kamer liggen enkele onderdelen tentoongespreid. In een kwieke kiek ontwaren we een krukas, nokkenassen, een bijzonder ogende schakelwals, kleppen, drijfstangen, een koppelingskorf en een cilinderkop. De onderdelen ogen herkenbaar… En toch ook weer niet. Nog voor we ze van dichtbij kunnen monsteren, krijgen we een stapel A4’tjes in de knuisten geduwd. “Of we zo vriendelijk willen zijn om even te tekenen?” Tijdens het doorbladeren ervan worden de mobieltjes van het selecte kransje journalisten afgeplakt met camerastickers. Intussen glijdt m’n oog over een NDA – een geheimhoudingsverklaring – ter waarde van één miljoen euro. Te betalen aan de heer Domenicali, als ik m’n mond voor het verstrijken van het embargo voorbij zou praten. Slik. Daar moet ik al snel enkele maanden voor aan de bak…
V4
Maar zelfs met het doek nog over de krachtbron, is het onderwerp van de dag meteen duidelijk. De V4. Ducati’s allerhoogste goed, en de zelfverklaarde ‘King of the sportbike engines’. Zo’n V4 is compact – met voordelen van een makkelijker te centraliseren zwaartepunt, over optimale aerodynamica tot maximale leunhoeken – is natuurlijk beter in balans, en komt rechtstreeks uit Ducati’s MotoGP-programma overwaaien. Inclusief een 81mm-boring, geoptimaliseerde vloeistofdynamica, hoogtoerige desmo-kleppentrein, TwinPulse ontstekingsvolgorde en de contraroterende krukas.
Het motormerk uit Bologna heeft ze al bijna 20 jaar in z’n racemachines liggen, en mikt er sinds 2017 eentje in de z’n productiemotoren. De Desmosedici Stradale maakte sindsdien het mooie weer in onder meer de Panigale V4 en V4 R, de Superleggera en de Streetfighter V4 – tot de V4 RS-versies die recent werden onthuld. Vanaf 2020 verschijnt ook de V4 Granturismo ten tonele. Die zal een brede waaier aan vlaggenschepen voortstuwen, van de Multistrada V4-familie, tot het Diavel-gamma. En nu…Nu is er dus een opvolger: de M22A ofte de 2026 Desmosedici Stradale R!
2026 Desmosedici Stradale R
De nieuwkomer is een vloeistofgekoelde 998cc V4 (naar WSBK-normen gekneed, dus). Inclusief een geoptimaliseerde, contraroterende krukas, en desmodromische klepbediening. In het blok huizen lichtere (-5,1%) zuigers met wrijvingsverlagende DLC-coating, titanium Pankl-drijfstangen. Die laatsten zijn ‘gundrilled’ en ‘shot peened’. Dure termen voor dure MotoGP-technologie: middels gundrilling heeft Ducati een flinterdun kanaaltje door de drijfstang geboord, van de zuigerpin naar het lager van de big-end, teneinde beide te smeren. Het ‘shot peening’ of kogelstralen is dan weer een racewaardige oppervlaktebehandeling. Daarbij wordt de drijfstang beschoten met kleine, ronde deeltjes om erosie en materiaalmoeheid tegen te gaan, hardheid van het titanium te verhogen en de levensduur ervan te verlengen. Zo, bakje vol. De krukas werd grondig aangepakt om hogere (!) inertie te realiseren. Aangezien die contraroterend werkt, komt dat het stuurgedrag net ten goede.
Bescheiden stap?
De uitlaatlijn is volledig herwerkt, de injectoren staan hoger en aan de andere kant van de hertekende gasklephuizen gemonteerd (langere spray, betere menging met lucht), het blok is uitgerust met kortere kelken én het nokkenprofiel van de uitlaat is aangepast voor een latere opening. Stuk voor stuk aanpassingen om aan Euro5+ te voldoen, zonder de Desmosedici Stradale R te muilkorven. Het nieuwe blok perst er 218 pk uit bij 15.750 tpm (identiek aan voorganger, 250 tpm later) en haalt 114,5 Nm bij 12.000 tpm. Al bij al een bescheiden stap voorwaarts, op het eerste zicht. Maar in realiteit presteert het blok 4 pk extra tussen 8.000 en 16.000 omwentelingen en loopt het iets langer door (betere over-rev), is er 7% extra koppel beschikbaar bij 6.000 tpm én piekt het koppel 3% hoger. Met volle race-uitlaat komt daar nog 17,3 pk (tot 235 pk) en 5 Nm bovenop, met speciale molybdeenolie (met nóg lagere wrijving) zwelt het vermogen aan tot 239 pk. Waanzin.
DRG met DNL
Een knap staaltje racetechnologie zit diep in het blok verscholen. Ducati heeft z’n nieuwe V4 immers uitgerust met z’n Ducati Racing Gearbox, waarbij het schakelpatroon grondig is aangepast: in plaats van een 1-N-2-3-4-5-6-patroon, heeft het merk nu voor een N-1-2-3-4-5-6-volgorde gekozen. Een prima keuze voor al wie vaak op het circuit vertoeft. En extra handig voor het bijbehorende snufje: de Ducati Neutral Lock, die voorkomt dat je per abuis in neutraal terechtkomt. Op de schakelwals is immers een extra nok voorzien die de schakeltrommel mechanisch kan blokkeren, als je een hendel op de rechter stuurhelft vastzet. Op zich eenvoudig qua idee, briljant qua uitwerking – en binnenkort te testen op de nagelnieuwe 2026 Panigale V4 R!